Voor alle oefeningen op deze website geldt dat ze vaak herhaald moeten worden, het liefst een aantal keren per dag. Aan het begin kunnen ze moeilijk zijn of zelfs onmogelijk lijken. Maar u zult merken dat in de loop van de tijd toch revalidatie van het lichaam en het zenuwstelsel in het bijzonder plaatsvindt.

Functionele schokken die af en toe optreden zijn moeilijker te behandelen met oefeningen dan tremor (trillingen). Dat heeft ermee te maken dat de klachten er ook vaak niet zijn. Als u de klachten voelt aankomen (ook al is dat maar een heel kort moment), is dat een ingang voor de aanpak van de schokken. Algemene ontspanningsoefeningen en oefeningen die zorgen dat u de controle over het bewegen weer terugkrijgt, zijn ook geschikt om te doen als u op dat moment geen schokken heeft. 

Waarschuwingssignalen

Als u voorafgaand aan de klachten waarschuwingssignalen ondervindt, zelfs als deze maar heel kort of heel minimaal zijn, kunt u afleidingstechnieken gebruiken om de schokken af te wenden. Hiervoor kunt u de technieken gebruiken die staan beschreven bij dissociatieve aanvallen. 

Sommige patiënten hebben het gevoel dat ze daarmee de schokken uitstellen en die schokken later allemaal achter elkaar heviger terugkomen. Dat lijkt zo aan het begin, maar als u blijft proberen is dit toch de manier om de 'gewoonte' van de hersenen te doorbreken.

Klik hier voor de behandeling bij aanvallen

Voorkom vermijding

Verwacht u de schokken in bepaalde situaties? Verwacht u bijvoorbeeld voor u naar bed gaat dat de klachten zullen komen als u stil ligt, of denkt u voor u de deur uit gaat vaak dat de aanvallen vast gaan komen op het meest drukke, ongunstige moment in de supermarkt? Als u heel sterk verwacht dat de klachten zullen optreden, doen ze dat soms ook, zelfs als u dat juist niet wilt. Dat heet een 'geconditioneerde respons' en past bij 'gewoontes' van de hersenen. Als u probeert die gedachten aan te pakken (iets wat ontzettend moeilijk is), dan kan dat soms invloed hebben op het voorkomen van de klachten.

Hieronder volgen oefeningen voor schokken van de benen. Als u geen schokken in de benen heeft, maar alleen schokken van het bovenlichaam, kunt u naar de vorige pagina gaan. 

Oefening 1.

Beschrijving: Ga met twee benen naast elkaar staan en beweeg vervolgens heen en weer, waarbij u uw gewicht steeds van het ene naar het andere been verplaatst. Begin met hele kleine bewegingen. Wissel dit af met beweging van voor naar achter terwijl u met beide benen op de grond staat. Als de schokken verminderen, probeer dan langzaam stil te staan en kijk of de schokken daarmee even wegblijven. Probeer dit iedere keer langer vol te houden. Zie de filmpjes hiernaast.

U hoeft de beweging niet zo groot te maken als in de filmpjes als dat niet lukt. Kleine bewegingen waarbij u uw gewicht verplaatst van zij naar zij of van voren naar achteren zijn ook voldoende.

Waar op letten bij deze oefening?

Deze oefening is erop gericht om meer controle over beweging te krijgen. Dat gebeurt in deze oefening door te proberen de tijd zonder schokken te verlengen en door automatische bewegingen te stimuleren.

Oefening 3.

Beschrijving: Bij schokken in één been of voet: Ga zitten en zet uw benen naast elkaar. Maak dan met uw niet-aangedane voet een ritmische tikkende (tappende) beweging (dat kan op twee manieren, zie de twee filmpjes hieronder). Probeer dit om te wisselen met de wel aangedane voet. Bij schokken in beide benen/voeten: gebruik uw handen om het ritme te tikken.

Essentieel is dat u zich goed concentreert op het ritme wat u moet aanhouden.

De volgende stap in de oefening is om vervolgens precies mee te tikken met het filmpje (in het juist ritme). U kunt ook en vriend/familielid vragen om een ritme voor te tikken met zijn of haar voet. De vriend moet beginnen met een vast ritme, en dan variëren, door steeds sneller en langzamer te gaan. U moet zo goed mogelijk mee tikken. Zie de filmpjes hiernaast.

Waar op letten bij deze oefening?

Bij functionele schokken gaat het ritme van de schokken soms meedoen met het tikken van de andere voet.  Dat gebeurt vooral als het een moeilijkere opdracht is (zoals wisselen van ritme). Soms is het effect dat de schokken wegblijven tijdens de oefening. Als het ritme van uw functionele schokken verandert met het ritme van het tikken, kunt u merken dat het mogelijk is om het 'externe' ritme wat nu overgenomen is door uw aangedane voet nog verder te verlagen tot het misschien zelfs stopt. Het geeft u een manier om controle over de beweging te krijgen.

Oefening 3.

Beschrijving: Ga zitten, zet de voeten naast elkaar. Span om de beurt uw spieren aan: beweeg om dit te doen de voet op en neer  (zie filmpje hieronder).

Waar op letten bij deze oefening?

Functionele schokken ontstaan doordat spieren aanspannen die dat niet zouden moeten doen. Als u leert om langzaam uw spieren om de beurt te ontspannen, kan dat helpen om controle te krijgen. Kijk in de spiegel terwijl u dit doet; dat kan helpen om de hersenen te leren hoe normaal bewegen gaat.

Oefening 4.

Als uw benen onrustig blijven als u zit, oefen dan door op een stoel te zitten of te staan en uw voeten zo lang mogelijk plat op de grond te houden. Dat kan heel vreemd aanvoelen, maar het helpt wel om uw hersenen opnieuw aan te leren wat de normale stand is.

© Al het materiaal op deze website staat onder copyright en mag zonder toestemming niet gekopieerd en gebruikt worden.