Leren de controle te krijgen

Wat kunt u doen om de aanvallen te voorkomen?

1. Raak niet in paniek

Patiënten met dissociatieve aanvallen hebben soms angstige gedachten:

Voorbeelden van dit soort gedachten zijn:

  • 'Ik zou mezelf veel pijn kunnen doen.'

  • 'Word ik gek?'

  • 'Wordt dit heel genant?'

  • 'Is dit epilepsie?'

  • 'Misschien ga ik dood tijdens de aanval'

..Ondanks dat u het zich mogelijk niet herinnert, is een deel van uw bewustzijn actief tijdens de aanval..

Het is begrijpelijk dat dit soort gedachten bij u opkomen; de aanvallen zijn ook beangstigend. Hieronder staat aangegeven of deze gedachten realistisch zijn:

  • 'Wat als ik mezelf pijn doe'
    Blauwe plekken en schaafwonden komen veel voor bij dit soort aanvallen, maar ernstige schade eigenlijk niet. U bent zich gedeeltelijk bewust van de aanval, maar kunt dat achteraf niet herinneren. Met dit gedeeltelijke bewustzijn zorgt u er zelf voor dat u niet ernstig gewond raakt.

  • 'Word ik gek?'
    Nee. Wat er gebeurt is dat u, tijdelijk, de controle over uw lichaam kwijt raakt.

  • 'Wordt dit heel genant?'
    Misschien, het is het niet waard om leuke dingen af te slaan, omdat u bang bent voor genante situaties, toch?

  • 'Is dit epilepsie?'
    Nee. Als u niet zeker bent waarom niet, vraagt u dat dan aan uw arts.

  • 'Misschien ga ik dood tijdens de aanval'
    Nee, het is nog nooit voorgekomen dat iemand overleed tijdens een aanval.

..In rust, zonder afleiding, is uw lichaam veel bevattelijker voor een aanval..

2. Probeer afleiding te zoeken

De waarschuwingssymptomen komen als het ware 'over u heen', en het is erg moeilijk om daar grip op te krijgen. Als het wel lukt om op het korte moment dat de waarschuwingssymptomen er zijn, vlak voor de aanval begint, afleiding te zoeken, zorgt dat ervoor dat de aanval niet gebeurt.

Voorbeelden hiervan:

  1. Tel in uw hoofd terug van 100 naar 0, door steeds 7 of 4 af te trekken (100,93,86 of 100,96,92 enzovoort)

  2. Pak een boek/krant/tijdschrift

  3. Praat tegen iemand

  4. Probeer een computerspel of een spelletje op uw telefoon

  5. Zing een liedje.

Met dit soort technieken kan een psycholoog goed helpen. Zij zijn gewend aan het behandelen van vergelijkbare symptomen bij mensen met paniekaanvallen. Dat is niet hetzelfde, maar de technieken werken wel vergelijkbaar.

Er is een andere techniek, ontwikkeld door onderzoekers in Sheffield (Stephanie Howlet en Markus Reuber, Universiteit van Sheffield), speciaal voor mensen met dissociatieve insulenten, in het Engels genaamd 'sensory grounding' (zintuigelijke aarding letterlijk vertaald). Het is goed om dit te oefenen als u zich goed voelt, zodat u weet wat te doen als het nodig is.

De procedure van 'Sensory Grouning' gaat als volgt:

  1. Pak iets vast, het beste is iets met een ruw oppervlak of goed voelbare structuur, met uw vingers en duimen.  Focus sterk op hoe het voelt. Tegelijkertijd zet u uw voeten plat op de grond en bent u zich bewust van de vaste ondergrond. Als u zit, focus dan op de stevige ondergrond van de stoel.

  2. Kijk om u heen en focus op de dingen die u ziet. Beschrijf ze voor uzelf (hardop of in uw hoofd) in detail.

  3. Luister naar de geluiden om u heen, bijvoorbeeld mensen die aan het praten zijn, geluid van vogels of verkeer.

  4. Bedenkt welke dag van de week het is, welke datum, welk jaar het is, waar u bent etcetera.

  5. Herinnert u zichzelf eraan, dat u veilig bent.

3. Probeer de mensen om u heen te kalmeren

Mensen om u heen raken misschien zelf erg gealarmeerd bij een aanval. Als mensen om u heen in paniek raken, verergert dat uw klachten.

Mensen om u heen zouden kalm moeten blijven en steunend zijn en het is handig als ze ruimte maken om u heen. Ze kunnen rustig afwachten tot de aanval voorbij is en u dan overeind helpen. U kunt daarna misschien zelfs verder gaan waar u mee bezig was.

U kunt aan deze dingen werken bij de aanpak van dissociatieve insulten en aanvallen van andere functionele klachten.

© Al het materiaal op deze website staat onder copyright en mag zonder toestemming niet gekopieerd en gebruikt worden.