Wat bedoelen we met neurorevalidatie? Het idee is dat patiënten met een functionele stoornis als het ware hun zenuwstelsel opnieuw de normale bewegingspatronen moet aanleren. Het gaat daarbij om de manier waarop een patiënt met zijn klachten omgaat en om het verbeteren van de beweging.  

Activiteiten

Patiënten met functionele symptomen hebben vaak klachten van vermoeidheid, spierzwakte en pijn. Om dit te kunnen aanpakken, is het belangrijk om de activiteiten langzaam op te bouwen. Veel patiënten merken dat hun energieniveau, de vermoeidheidsklachten, maar ook de andere functionele symptomen erg op en neer gaan. De ene dag voelt u zich goed, en probeert u zoveel mogelijk te doen. Veel mensen proberen ook om de schade in te halen en alles te doen waar ze op mindere dagen niet aan toe komen. De andere dag gaat het niet goed, heeft u weinig energie en veel klachten. Als de symptomen weer erger worden, is dat slecht voor de motivatie: het voelt alsof u weer terug bij af bent. Vaak komt het erop neer dat u op goede dagen teveel doet, en op mindere dagen te weinig.

Afbeelding 2

Figuur 1. De grafiek laat de ernst van de symptomen zien. In de tijd wisselen de symptomen vaak sterk, soms zijn er weinig klachten, soms veel.

... Er zullen dagen blijven waarop u het gevoel heeft weer helemaal terug bij af te zijn. Maar het belangrijkste is dat u op de lange termijn verbetert..

Een bekend en belangrijk principe in het revalideren is het beter indelen van activiteiten. Op goede dagen moet u zichzelf meer tijd gunnen, niet teveel hooi op uw vork nemen en wat rustiger aan doen. Op mindere dagen is het echter belangrijk niet teveel toe te geven aan de symptomen (een moeilijke opgave!), en net zoveel inspanning te leveren als op goede dagen.

Zonder twijfel zullen er altijd dagen zijn waarop het weer minder goed gaat, en voel u zich weer alsof er niets veranderd is, maar in werkelijkheid zorgt deze aanpak ervoor dat u langzaam maar zeker wel verbetert. U kunt zien wat het effect daarvan is in de tweede grafiek hieronder.

Afbeelding 5

Figuur 2. Deze grafiek laat zien wat er gebeurt als patiënten aan hun activiteiten niveau werken. De klachten blijven nog steeds wisselen: soms zijn ze ernstig, soms milder, maar in het algemeen gaat het beter met de klachten. Na langere tijd wordt de situatie beter (en de klachten minder).

Hoe kunt u dat aanpakken?

Bedenk een gemiddelde taak, iets wat op een goede dag een lichte taak is, maar wat u op een slechte dag op dit moment te weinig doet, zoals: naar de winkel lopen/ iets kleins regelen in huis. Als u probeert hetzelfde niveau van activiteit (dus een niet te zware, maar ook niet te lichte taak) iedere dag te volgen, wordt deze zelfde hoeveelheid inspanning op den duur minder zwaar of minder pijnlijk, ook op de slechte dagen. Pas na 1 of 2 maanden kunt u effect van deze aanpak verwachten.

Energie

Meer activiteit brengt zeker in het begin vaak ook meer klachten met zich mee. Veel mensen zijn vervolgens bang dat teveel activiteit of inspanning zorgt voor beschadiging of overbelasting van het zenuwstelsel of de spieren en dus de klachten op lange termijn erger maakt. Dat is gelukkig niet zo. We weten dat op de korte termijn klachten soms erger worden door inspanning of belasting. Maar: op de lange termijn heeft dat geen slecht effect. Op de lange termijn zorgt meer activiteit voor een betere kwaliteit van leven, en vaak ook voor minder symptomen.

... Activiteit kan de symptomen verergeren, maar dat veroorzaakt geen schade of lange termijn problemen ...

Veel mensen denken dat het belangrijk is om energie op te sparen. Als er een belangrijke dag aankomt, bijvoorbeeld een huwelijk van een familielid, doen ze zo min mogelijk in de week of weken daarvoor. Dat lijkt logisch, maar klopt niet helemaal. Het is wel verstandig om bijvoorbeeld op tijd naar bed te gaan de avond ervoor en niet de dag van tevoren zoveel oefeningen te doen dat u er spierpijn van heeft. Meerdere dagen rust houden om energie te bewaren is echter niet zinvol. Het is te vergelijken met trainen voor een sportwedstrijd: een sporter zorgt juist dat hij fit is voor de wedstrijd in plaats van weken lang rust te houden zodat hij zijn energie kan inzetten voor de wedstrijd. Revalideren is wat dat betreft vergelijkbaar met sporten.

Bedrust zorgt ook niet voor meer energie. Een goede nachtrust is belangrijk en over de aanpak van een verstoorde nachtrust (lees hier). Echter, overdag slapen of bedrust houden om meer energie te krijgen werkt averechts. Te veel bedrust zorgt voor verminderde spierkracht, duizeligheid bij opstaan en  vermoeidheidsklachten, ook in gezonde mensen. Het is moeilijk, maar juist goed om in beweging te blijven.

© Al het materiaal op deze website staat onder copyright en mag zonder toestemming niet gekopieerd en gebruikt worden.