Vermijding

Door de klachten zijn er veel mensen die zaken gaan vermijden. Dit kan te maken hebben met schaamte, bijvoorbeeld angst om in een supermarkt een aanval van klachten te krijgen, waarbij iedereen het ziet. Of met angst voor letsel, bijvoorbeeld angst om alleen de deur uit te gaan en te vallen.

Afbeelding 2

Herkent u dit? Zijn er zaken die u niet meer doet, of niet meer kunt doen, door de klachten? Bijvoorbeeld: gaat u niet graag alleen het huis uit? Vermijdt u plekken waar u in het verleden veel klachten heeft gehad, of voor het eerst klachten kreeg?

Het vervelende is dat vermijding meestal niet blijft bij één plaats of activiteit, maar langzaam steeds meer wordt. Het gevaar bestaat in een neerwaartse spiraal terecht te komen, waarbij heel veel dingen in uw leven in het teken gaan staan van de klachten.

Dat komt omdat vermijding eigenlijk niet echt helpt. Mensen vermijden soms de plek waar de klachten voor het eerst zijn voorgekomen, bijvoorbeeld een supermarkt, maar vervolgens ontstaan de klachten ook op andere plekken. Als dan die andere plekken ook vermeden worden, worden de klachten steeds erger.

Soms vermijden patiënten situaties omdat ze angstige ideeën hebben, die eigenlijk niet zo realistisch zijn. Lees het voorbeeld hieronder daarover.

..Veel mensen zullen herkennen dat bijvoorbeeld angst om te spreken voor een zaal mensen steeds erger wordt naarmate je het minder vaak doet. Je kunt bang worden voor de meest uitzonderlijke dingen: wat als ik van het podium val? Wat als ik niets meer weet? Wat als mensen me gaan uitlachen? Terwijl het natuurlijk heel onwaarschijnlijk is dat dat echt gebeurt. Op het moment dat je het doet, blijkt inderdaad dat het niet niets is. Maar het ergste wat je je had voorgesteld gebeurt meestal niet. Achteraf gezien viel het dus erg mee. Als je de speech had afgezegd, omdat je bang was dat het fout zou gaan, zou de angst een volgende keer alleen maar groter zijn geworden..

Eigenlijk zijn de angstige ideeën dus niet zo realistisch. Natuurlijk kunnen de klachten terug komen in de supermarkt, maar het idee dat vervolgens de hele supermarkt zal gaan lachen of dat er niemand is die komt helpen is onrealistisch. Soms is het goed om de gedachte (mensen zullen me uitlachen) achter het gedrag (dus ga ik niet naar de supermarkt) als het ware op deze manier ‘uit te dagen’.

Realistische doelen stellen

Om activiteiten te kunnen opbouwen, helpt het sommige patiënten om een plan te maken. Dat plan is er op gericht om langzaam maar zeker activiteiten en bewegingen op te bouwen.  Het moet wel een plan zijn wat uitvoerbaar is; u kunt niet verwachten dat u in één dag alles weer kunt doen wat u nu niet kunt.

Het doel is om een realistisch niveau van activiteiten te bereiken, maar ook om een zo normaal mogelijk leven te kunnen leiden. Dus als u zelf een plan zou bedenken, is het goed dat in het achterhoofd te houden: welke activiteiten doe ik nu niet, maar zou ik wel graag weer willen doen om mijn leven weer meer normaal te kunnen leven? Daar horen ook de activiteiten bij die u bent gaan vermijden. In het plan voor uzelf kunt u allebei die dingen meenemen; u kunt langzaam activiteiten opbouwen die moeilijk zijn door de klachten. En u kunt activiteiten uitbouwen die u bent gaan vermijden.

Kies hierin slim. Begin niet met de activiteiten die eigenlijk niet zo belangrijk voor u zijn: wees daar ook eerlijk in, pak de zaken aan die uw leven gemakkelijker maken. Een voorbeeld van zo’n plan vindt u hieronder.

Voorbeeldplan:

Maria heeft last van zwakte in haar linker arm en been. Ze heeft hier wisselend last van. De eerste keer dat ze dit kreeg, was ze midden in een winkelcentrum, in de rij naar de roltrap. Ze zakte toen opeens door haar benen. Dit was een hele enge, maar ook beschamende ervaring in haar idee.

Sinds de klachten zijn begonnen is ze niet meer in het winkelcentrum geweest, maar heeft ze ook moeite met de supermarkt in haar dorp. Daarnaast is ze ook bang om alleen het huis uit te gaan, omdat ze niet alleen op straat wil liggen zonder geholpen te kunnen worden. Ze kan wel lopen, hoewel dit haar veel energie kost, en ze soms plotseling door haar been zakt.

Ze wil graag weer zelf boodschappen kunnen doen, en alleen naar buiten kunnen, want ze voelt zich nu heel erg afhankelijk van haar man, die ook niet altijd tijd heeft.

In haar plan zijn twee dingen van belang. Ten eerste heeft ze weinig energie, dus ze moet met dit stappenplan de energie en kracht opbouwen om boodschappen te kunnen doen. Ten tweede vermijdt ze de supermarkt, omdat ze bang is dat ze daar door haar benen zakt en dan zou ze zich schamen.

  • Stap 1. Alleen het huis uit gaan, maar een klein stukje: bijvoorbeeld een blokje om lopen.

  • Stap 2. Alleen een stukje wandelen, in het bebouwde gebied van het dorp (zodat er altijd mensen in de buurt zijn).

  • Stap 3. Alleen naar de supermarkt gaan voor een kleine boodschap.

  • Stap 4. Alleen naar de supermarkt gaan en daar een tijdje blijven (iets meer boodschappen doen).

Activiteiten en resultaten bijhouden

Het kan heel goed helpen om alle dingen die goed gaan bij te houden. Zeker als het over een langere termijn gaat, kan het soms lijken alsof er niets is veranderd, omdat de verbetering niet zo snel gaat als de patiënt hoopt. Als u bijhoudt welke dingen u kunt doen op een dag en welke stappen er gezet zijn in de goede richting, kan dat motiverend werken. Dit kunt u eventueel ook met een familielid of vriend doen.

U kunt proberen of het u helpt om een plan te maken en vervolgens bij te houden hoe het gegaan is. Het plan kan gericht zijn op één activiteit, of het kan een stappenplan zijn wat van een kleine naar een grotere activiteit gaat. U kunt uiteraard ook meerdere plannen na elkaar doen. U kunt eventueel ook inbouwen dat u eerst samen met iemand anders de activiteit doet, en later alleen.

© Al het materiaal op deze website staat onder copyright en mag zonder toestemming niet gekopieerd en gebruikt worden.