Wat is een functionele stoornis? 

Functionele bewegingsstoornissen vallen onder de groep 'functionele neurologische stoornissen'. Het gaat hierbij om aandoeningen van het zenuwstelsel, waarbij er een probleem is in de werking van de hersenen en zenuwen; anders gezegd: de functie van het zenuwstelsel is gestoord.

Bij functionele neurologische stoornissen is er een probleem in de verwerking en aansturing van signalen ontstaan. De hersenen interpreteren de signalen vanuit het lichaam niet helemaal goed en reageren ook anders dan normaal. Dit kan zich uiten in problemen met bewegen (functionele bewegingsstoornissen), maar ook in andere klachten (overige functionele stoornissen).

Afbeelding 3

Het zenuwstelsel bestaat uit de hersenen en zenuwen. Allerlei prikkels, zoals geluiden, beelden en geuren, worden gesignaleerd. Via de zenuwen wordt deze informatie naar de hersenen gestuurd, verwerkt en mogelijk omgezet in actie. Andersom komen er ook signalen vanuit de hersenen naar het lichaam, onder andere om beweging aan te sturen. Vanuit de hersenen lopen de signalen via het ruggenmerg en dan de zenuwen naar een spier.

In de hersenen zijn er allerlei verschillende functies betrokken bij acties en bewegingen. Een mens moet bijvoorbeeld eerst besluiten dat hij iets wil gaan doen. Hoewel dit besluit vaak onbewust is, zijn de hersenen nu al hard aan het werk. Vervolgens bedenkt de persoon hoe hij iets wil gaan doen om vervolgens ook daadwerkelijk te beginnen, de actie uit te voeren en weer te stoppen. Allerlei dingen hebben invloed op dit proces. Niet alleen waarnemingen (bijvoorbeeld: het stoplicht staat op groen), maar ook gedachten (ik ben te laat voor mijn afspraak) en overtuigingen (het is veiliger om altijd naar rechts en links te kijken).

Bij functionele bewegingsstoornissen is het niet zo dat een deel van de zenuwen of onderdelen van het ruggemerg of de hersenen beschadigd zijn en daardoor niet werken. Op een hoger niveau van aansturing, als het ware op het 'regelniveau' gaat het mis. De manier waarop de signalen worden verwerkt en welke actie er wordt ondernomen, gaat niet goed vergeleken met gezonde mensen.

Bij functionele bewegingsstoornissen is er een probleem in de verwerking en aansturing van beweging vanuit de hersenen

Bij sommige neurologische ziekten kunnen we op een CT-scan of MRI-scan zien wat het probleem is, bijvoorbeeld bij een bloeding of een tumor. Patiënten met functionele symptomen hebben zoals gezegd geen stucturele schade van het zenuwstelsel. Daarom is het niet verrassend dat er ook geen veranderingen zijn te zien op een gewone hersenscan. In plaats daarvan is er een probleem in het functioneren van het zenuwstelsel; de werking is veranderd.

Doordat er wetenschappelijk onderzoek wordt gedaan naar functionele symptomen leren we steeds meer over de aandoening. Zo zijn er onderzoeken met speciale hersenscans die niet alleen de structuur, maar ook de functie van de hersenen kunnen meten (fMRI = functionele MRI). Uit dit onderzoek weten we dat bepaalde hersendelen actief of juist minder actief zijn bij patiënten met functionele stoornissen. 

Afbeelding 6

Als mensen computers zouden zijn, zou het probleem bij functionele symptomen te vergelijken zijn met een software probleem. Er is niets mis met de bedrading of de chips in de computer - de hardware is in orde - maar de werking is aangetast. Als een computer een software probleem heeft, loopt de computer vast of werkt heel langzaam. Het zou niet helpen de computer open te maken en de componenten te bekijken. U zou niets zien als u een scan van de computer zou maken. Toch is er wel degelijk een probleem. De software doet het niet; de werking van het systeem is verstoord. Zo is het ook bij functionele stoornissen: de ‘hardware’ (het zenuwstelsel) is intact, maar er is iets mis met de ‘software’ (de signalen en de verwerking daarvan).

© Al het materiaal op deze website staat onder copyright en mag zonder toestemming niet gekopieerd en gebruikt worden.